Het besturen van het pensioenfonds en naleving wet- en regelgeving
7.1 Algemeen
Het pensioenfonds draagt de verantwoordelijkheid voor een goede uitvoering van de pensioenregelingen voor (gewezen) deelnemers, pensioengerechtigden en hun nabestaanden in overeenstemming met de bestaande wet- en regelgeving. De inhoud van de pensioenregeling wordt door de cao-partijen bepaald.
Het Bestuur is verantwoordelijk voor de verwezenlijking van de doelstelling, de missie, visie en strategie van het pensioenfonds.
Missie
De missie van het fonds geeft aan waarvoor het fonds staat, wat de identiteit en de waarden zijn. Het fonds heeft zijn missie als volgt geformuleerd:
‘Wij staan voor de verantwoordelijkheid om op basis van solidariteit en collectiviteit te zorgen voor een inkomen bij pensionering en overlijden.’
Visie
Bij de missie hoort een visie die de basis vormt voor de positionering van het fonds:
‘We werken samen aan een duurzaam en toekomstbestendig pensioenfonds.
Wij gaan voor een uitvoering van een pensioenregeling die is afgestemd op de behoeften van deelnemers én werkgevers. Het fonds neemt in de uitvoering zijn maatschappelijke verantwoordelijkheid op duurzaamheidsthema’s.
In al onze activiteiten zijn we kostenbewust.
Door samen te werken of samen te gaan met andere pensioenfondsen in ambachtelijke/industriële sectoren
realiseren we schaalvoordelen die op termijn leiden tot een hoger pensioenresultaat.’
Kernwaarden
Onze kernwaarden beschrijven de principes van ons fonds. Het zijn de waarden waarop onze organisatie is gebouwd en vormen de rode draad van ons handelen. Zij benadrukken de kern waar wij voor staan.
- Toekomstbestendig
- Kostenbewust
- Herkenbaar
- Zorgvuldig
In de uitvoering streeft het fonds naar een evenwichtige belangenafweging van alle belanghebbenden bij het fonds.
Strategie
Om de missie en visie te bereiken hanteren we een strategie die de volgende speerpunten kent. Speerpunt betekent dat dit een prioriteit is in al ons handelen.
Onze strategische speerpunten zijn:
1. Een beheerste transitie naar het nieuwe pensioenstelsel
2. Weten wat bij deelnemers speelt
3. Realiseren schaalvergroting
4. Verder vormgeven rendements- en duurzaamheidsdoelstellingen
5. Toekomstbestendige besturing van het pensioenfonds
7.2 Bestuursaangelegenheden
7.2.1 Algemeen
In het kader van goed pensioenfondsbestuur is statutair bepaald dat de bestuursleden een zittingstermijn van vier jaar hebben. Na afloop van een zittingstermijn is er de mogelijkheid tot herbenoeming. Om automatische herbenoemingen te voorkomen vindt voor het periodiek aftreden van het bestuurslid, een evaluatie van het functioneren plaats door het Bestuur.
In de samenstelling van het Bestuur zijn in 2022 geen wijzigingen doorgevoerd.
Het Bestuur is onafhankelijk in de uitoefening van zijn functie en zorgt ervoor dat de belangen van alle belanghebbenden op een evenwichtige wijze afgewogen worden. Het Bestuur vindt het belangrijk inzicht te hebben in het eigen functioneren. Om inzicht te krijgen in het eigen functioneren, evalueert het Bestuur periodiek of Bestuursleden bijvoorbeeld voldoende kennis hebben van alle aandachtsgebieden binnen het fonds en of het Bestuur voldoende zorg draagt voor de handhaving van het vertrouwen in het pensioenfonds.
In het verslagjaar heeft het Bestuur acht reguliere Bestuursvergaderingen belegd, waarbij het onderwerp ‘beleggingen’ iedere vergadering uitgebreid aan de orde is geweest. Op 5 juli en 13 oktober zijn extra Bestuursvergaderingen ingelast. Daarnaast hebben er diverse themadagen en kennissessies plaatsgevonden, waarbij de Wet toekomst pensioenen in veel gevallen aan de orde is gekomen als voorbereiding op het nieuwe pensioenstelsel. In de volgende paragraaf wordt dit nader toegelicht.
7.2.2 Bestuursvergaderingen
28 januari
Het Bestuur heeft onder begeleiding van een externe partij de jaarlijkse bestuurlijke zelfevaluatie doorlopen. In de periode daarna heeft het Dagelijks Bestuur evaluatiegesprekken gevoerd met individuele bestuursleden en daarin zijn onder meer opleidingsbehoeften besproken.
11 februari
Het bestuur heeft tijdens deze bestuursvergadering mevrouw Hendriks na bindende voordracht van het Verantwoordingsorgaan benoemd als RvT-lid per 1 juli 2022. Zij heeft per die datum mevrouw Siegman opgevolgd in de RvT. Het bestuur heeft (evenals het voorgaande jaar) conform het voorgenomen besluit besloten om een beroep te gaan doen op de vrijstellingsregeling om niet over te hoeven gaan tot het eventueel doorvoeren van een kortingsmaatregel. Voor de volledigheid is in dit kader tevens het advies van het VO gevraagd.
Conform het advies van het VO heeft het Bestuur besloten dat de premie voor de excedentpensioenregeling altijd minimaal kostendekkend dient te zijn en in ieder geval niet minder mag bedragen dan 100% van de premiedekkingsgraad. Inzake beleggingen heeft het Bestuur besloten tot deelname (als supporter) aan Climate Action 100+. Dit is een door investeerders geleid initiatief om ervoor te zorgen dat 's werelds grootste zakelijke uitstoters van broeikasgassen de nodige actie ondernemen tegen klimaatverandering. Er is overgegaan tot de evaluatie van de manager die zich bezighoudt met Aandelen Opkomende Markten.
Ten behoeve van de voorbereiding op het nieuwe pensioencontract heeft het Bestuur offertes uitgevraagd voor het uit te voeren risicopreferentieonderzoek onder deelnemers, pensioengerechtigden en niet-actieven.
Het Bestuur heeft wijzigingen in het Risicobeleid en de Systematische Integriteitsrisicoanalyse (SIRA) doorgevoerd. Het verslag van de RvT over 2021 is tussen de Raad en het Bestuur besproken. Het jaarplan 2022 en de liquiditeitsprognose 2022 zijn vastgesteld. Daarnaast is de Service Level Agreement 2022 met TKP vastgesteld. Het Bestuur heeft ten aanzien van communicatiemiddelen besloten tot het inzetten van videogesprekken en het structureel inzetten van de pensioenconsulent om deelnemers nog beter te bereiken en van dienst te kunnen zijn.
10 maart
Samen met het Bestuur van Bpf Zoetwaren is een themadag doorlopen. Er is aandacht uitgegaan naar Maatschappelijk Verantwoord Beleggen en het toewerken naar het opzetten van een gezamenlijk bestuursbureau.
11 maart
Tijdens deze themadag voor alleen het Bestuur van het fonds heeft de herijking plaatsgevonden van de Missie, Visie en Strategie onder begeleiding van een externe partij.
25 maart
Het Bestuur heeft in deze bestuursvergadering het voorgenomen besluit genomen om de heer Mannaert te herbenoemen per 1 juli 2022. Dit onder voorbehoud van eventuele bezwaren van DNB. Het herstelplan 2022 en het beroep op de vrijstellingsregeling zijn vastgesteld, waarbij het Bestuur kennis had genomen van de in dit kader afgegeven positieve adviezen van het VO. Dit is vervolgens voor 1 april 2022 ingediend bij DNB. De voorliggende Risk Self Assessment (RSA) inzake de overname van NN IP door Goldman Sachs is door het Bestuur beoordeeld en akkoord bevonden. Het Bestuur besloot akkoord te gaan met het vervangen van vermogensbeheerder Neuberger Berman (een US fonds) door Robeco (een wereldwijd fonds) in de High Yield beleggingsportefeuille. Na een verkregen positief advies van het VO, heeft het Bestuur het Strategisch Communicatiebeleid definitief vastgesteld. Ten aanzien van het Risk Control Framework is het Bestuur akkoord gegaan met de beoordeling van de uitvoering van de beheersmaatregelen en genoemde vervolgacties.
Voor wat betreft de vacante zetel namens de pensioengerechtigden in het Bestuur is bepaald dat de eis van 25 handtekeningen losgelaten wordt en dat het basis-functieprofiel van toepassing wordt. Hierbij wordt gevraagd of kandidaten bij voorkeur kennis hebben van AO/IC of IT. Op deze manier hoopt het Bestuur dat de kans groter is dat zich kandidaten zullen aanmelden vanuit de bakkersbranche. Er zal daarna een nieuwe verkiezingsprocedure worden opgestart, aangezien de afgelopen procedure helaas geen geschikte kandidaten had opgeleverd. Het Bestuur heeft kennisgenomen van het complianceprogramma 2022 en de jaarplanning en heeft aangegeven hiermee akkoord te zijn.
28 april
Deze themadag is samen met het Bestuur van Bpf Zoetwaren doorgebracht. Er is gesproken over de ALM-uitkomsten voor het nieuwe pensioencontract. Hierbij zijn eerste inzichten verkregen in de uitwerking van het nieuwe pensioencontract op de deelnemers en het daarbij vorm te geven beleggingsbeleid. Er is daarnaast in gezamenlijkheid gesproken over de opzet en taken van het in te stellen bestuursbureau. Voorts is gesproken over diverse zaken die het samengaan van beide fondsen aangaan. Zo is onder meer aandacht uitgegaan naar de governance-inrichting van het nieuwe pensioenfonds en de wijze waarop samengegaan kan worden (fusie of collectieve waardeoverdracht).
20 mei
Na de instemming van DNB te hebben ontvangen, heeft het Bestuur in de bestuursvergadering mevrouw Hendriks formeel benoemd als lid van de RvT per 1 juli 2022. Twee leden van de Geschillencommissie zijn per 1 januari 2023 herbenoemd. Het Bestuur heeft de renteafdekking verhoogd van 50% naar 60% op basis van de rentestaffel. Gezien de huidige bijzondere economische omstandigheden zal aan de hand van een nieuwe ALM-studie in het najaar van 2022 deze rentestaffel weer herijkt worden. De RSA Strategisch Risico is vastgesteld en tevens is de compliancerapportage over 2021 vastgesteld. Ten behoeve van het verkiezingsproces voor een pensioengerechtigde in het Bestuur, heeft het Bestuur wijzigingen in de statuten en het kiesreglement vastgesteld. Tevens is - onder voorbehoud van goedkeuring door de Raad van Toezicht - het functieprofiel vastgesteld. Er is een klachten- en geschillenregeling opgesteld en - onder voorbehoud van het hierover te verkrijgen advies van het Verantwoordingsorgaan – vastgesteld. De uitgangspunten voor de gelijkwaardigheidstoets zijn vastgesteld conform het voorstel van de adviserend actuaris.
Het voorgestelde takenpakket voor het bestuursbureau is vastgesteld en de uitkomsten van de evaluaties van uitbestedingspartijen zijn besproken. Er is gesproken over de basispropositie solidaire premieregeling (SPR) van TKP voor het toewerken naar het nieuwe pensioencontract en het samen met pensioenfonds Zoetwaren optreden als launching customer.
10 juni
Op deze themadag hebben het Bestuur, het Verantwoordingsorgaan en de Raad van Toezicht in gezamenlijkheid een sessie doorlopen onder begeleiding van een externe partij. Het doel was om de governance van het pensioenfonds te verbeteren. De samenwerking tussen met name het Bestuur en het Verantwoordingsorgaan moet verbeteren. De uitkomst van deze dag was positief. Het spreken over waar de knelpunten zitten en welke bijdragen vanuit de diverse fondsorganen geleverd kan worden om aan het herstel van vertrouwen te werken, was heel waardevol. Naar aanleiding van deze sessie is afgesproken om gezamenlijk te werken aan het vormgeven van een Governance Herstelplan 2.0.
17 juni
In deze jaarwerkvergadering is het jaarwerk 2021 vastgesteld. Het jaarwerkproces is goed verlopen en de samenwerking tussen de bij dit proces betrokken partijen was goed. De accountant heeft een goedkeurende verklaring afgegeven. Het jaarverslag en de jaarrekening zijn vastgesteld en de RvT heeft hierop goedkeuring verleend.
Aansluitend op de jaarwerkvergadering is in de bestuursvergadering akkoord gegeven op de voorliggende offerte om in het najaar van 2022 een ALM-studie door te rekenen. Het ESG-jaarverslag 2021 is vastgesteld en het Bestuur heeft de managementreactie op rapport Internal Audit uitbestedingsproces vermogensbeheer vastgesteld. Het bijgewerkte IT-beleid is vastgesteld, alsmede de RSA Samengaan met Bpf Zoetwaren. In relatie tot de voorgenomen herbenoeming van de werkgeversvoorzitter is onder meer gesproken over een plan van aanpak en een governance herstelplan. De goedkeuring van de Raad op het functieprofiel voor de vacante zetel namens pensioengerechtigden in het Bestuur was ontvangen en daarop is besloten dat het verkiezingsproces opgestart kan worden. Er is met de Raad van Toezicht gesproken over het governance herstelplan en het plan van aanpak om de samenwerking tussen de fondsorganen te verbeteren. Voorts heeft het Bestuur enkele wijzigingen in de ABTN doorgevoerd in verband met het Besluit toekomst pensioenen. De uitkomsten van de haalbaarheidstoets 2022 zijn besproken en goedgekeurd. De haalbaarheidstoets is vervolgens voor 1 juli 2022 ingediend bij DNB. Ten aanzien van het op te zetten bestuursbureau, is besloten aan welke partijen de Requests for Proposal (RFP’s) uitgestuurd zullen worden. Er is een terugkoppeling gegeven over de uitkomsten van het risicopreferentieonderzoek.
5 juli
Tijdens deze extra ingeplande digitale bestuursvergadering heeft het Bestuur zich gebogen over onder meer het samengaan met pensioenfonds Zoetwaren, de governance-inrichting voor het nieuwe pensioenfonds (na samengaan) en de wijze waarop beide fondsen zullen samengaan. Tevens is gesproken over de te maken keuze voor een bestuursbureau. Het launching customer-traject met TKP is in dit overleg eveneens aan de orde gesteld.
8 juli
Tijdens deze kennissessie heeft het Bestuur zich samen met het Verantwoordingsorgaan en de Raad van Toezicht gebogen over vraagstukken die bij het toewerken naar het nieuwe pensioencontract aan de orde zijn. Zo is onder meer aandacht uitgegaan naar het moeten aanhouden van een solidariteitsreserve, risicohouding en is invaren onder het nieuwe pensioenstelsel aan de orde gesteld. De adviserend actuaris heeft hierbij als projectleider Wet toekomst pensioenen (Wtp) een toelichting gegeven op deze onderwerpen.
2 september
Tijdens deze reguliere bestuursvergadering inzake beleggingen is de bijgewerkte investment case voor Private Equity vastgesteld, heeft de evaluatie van de managers Vastgoed plaatsgevonden en heeft het Bestuur zich gebogen over landenbeleid EMD.
De vergaderplanning 2023 is vastgesteld en het Governance Herstelplan 2.0 is verder besproken. Er zijn wijzigingen in het reglement Verantwoordingsorgaan doorgevoerd. Daarbij heeft het Bestuur aan het VO gevraagd om input te geven op het minimaal benodigde aantal VO-leden om besluiten te kunnen nemen in het Verantwoordingsorgaan. Er is tevens gesproken over de risicohouding en het uitkeringsbeleid inzake het toewerken naar het nieuwe pensioenstelsel. Daarnaast is een Plan B uitgewerkt voor het geval onverhoopt het samengaan met pensioenfonds Zoetwaren geen doorgang kan vinden. Het bestuur dient in dit kader namelijk wel van tevoren hebben nagedacht over eventuele alternatieve paden die dan ingeslagen kunnen worden.
29 september
Deze themadag is gezamenlijk met pensioenfonds Zoetwaren doorlopen. De onderwerpen die hierbij aan de orde gesteld zijn, betreffen onder meer de vraag of het samengaan via een fusie of collectieve waardeoverdracht dient te verlopen. Er is gesproken over de risicohouding in relatie tot het overgaan naar het nieuwe pensioenstelsel. In dit kader is eveneens gesproken over het uitkeringsbeleid (projectierendement en spreiden), het beleggingsbeleid en het solidariteitsbeleid. In de middag van deze themadag zijn er twee presentaties geweest van partijen voor de rol van bestuursbureau.
30 september
Dit betrof een reguliere bestuursvergadering waarin inzake beleggingen de evaluatie van de managers EMD heeft plaatsgevonden en het stembeleid behandeld is. Het functieprofiel voor de plaatsvervangende zetel namens de NVB is vastgesteld. De profielschets en de competentievisie voor de vacature in het Verantwoordingsorgaan zijn behandeld en vastgesteld in afstemming met het orgaan. De klachten- en geschillenregeling is definitief vastgesteld, waarbij diverse adviezen/suggesties van het VO zijn overgenomen waardoor de regeling verbeterd is. Het Bestuur is aangevangen met de jaarlijkse evaluatie van het beloningsbeleid. De jaarlijkse scoring van de risico’s heeft plaatsgevonden en de RSA Communicatie is vastgesteld. Het Bestuur heeft de gevolgen van de nieuwe AG-prognosetafel besproken en diverse actuariële grondslagen zijn vastgesteld. Er is wederom gesproken over het selectieproces voor een partij die de rol van bestuursbureau zal uitvoeren. Inzake het toewerken naar het nieuwe pensioenstelsel is gesproken over de overwegingen voor eventuele deelname aan het Transitie FTK en het solidariteitsbeleid.
Aansluitend op deze bestuursvergadering is samen met het Verantwoordingsorgaan en de Raad van Toezicht het gezamenlijk opgestelde Governance Herstelplan 2.0 besproken en vastgesteld. Dit plan is vervolgens op 1 oktober bij DNB ingediend. Tijdens deze sessie hebben alle fondsorganen uitgesproken zich in te zetten voor een herstel van wederzijds vertrouwen en een goede samenwerking. In dit kader is in alle openheid met elkaar gesproken over uiteenlopende standpunten, gemeenschappelijkheden en respect voor elkaars rollen. Er is in dit kader een actieplan uitgewerkt waarin te nemen stappen zijn beschreven die herstel van vertrouwen en een goede samenwerking mogelijk maken. Alle fondsorganen hebben aangegeven weer een goede basis te zien voor een verdere en constructieve samenwerking. Hierbij stellen alle organen het belang van de deelnemers, pensioengerechtigden en de niet-actieven voorop.
13 oktober
Tijdens deze extra bestuursvergadering heeft het Bestuur besloten welke partij per 1 januari 2023 de rol van bestuursbureau op zich zal gaan nemen. De keuze is hierbij op PBSV gevallen.
28 oktober
Op deze themadag heeft het Bestuur zich gebogen over de vraag of per 1 januari 2023 wel of niet indexatie verleend zou kunnen worden en wat daarvan dan eventueel de hoogte zou kunnen zijn. Hierbij zijn diverse scenario’s besproken en zijn evenwichtige belangenafwegingen behandeld. Tevens heeft het Bestuur zich gebogen over wijzigingen in het beloningsbeleid. Deze themadag had tot doel om in dit kader vervolgens nadere voorstellen uit te kunnen werken voor de bestuursvergaderingen van 4 november en 9 december.
4 november
In deze bestuursvergadering is gesproken en besloten over de grondslagen en parameters voor 2023. Tevens zijn voorgenomen besluiten genomen ten aanzien van de premie 2023 en de wijziging van het indexatiebeleid. Ten aanzien van de premie 2023 heeft het Bestuur de belangen evenwichtig afgewogen. De premiedekkingsgraad heeft zich in de afgelopen jaren onder de actuele dekkingsgraad bevonden. De premiedekkingsgraad zegt iets over de mate van solidariteit tussen actieven en niet-actieven. Een premiedekkingsgraad onder de actuele dekkingsgraad wordt gezien als dat niet-actieven in dat kader solidair zijn met actieve deelnemers. De jaarlijkse pensioenopbouw wordt namelijk niet in dezelfde mate gefinancierd als de bestaande rechten en wordt zelfs niet volledig gefinancierd indien deze zich onder de 100% bevindt. In 2023 is de premiedekkingsgraad gestegen tot ruim boven de 100%, hetgeen gezien kan worden als dat de actieve deelnemers in dit kader nu solidair zijn met de niet-actieven. De premie draagt bij aan het herstel van de dekkingsgraad. De voor 2023 beschikbaar gestelde premie vanuit sociale partners gaf het bestuur tevens de mogelijkheid om het opbouwpercentage weer te kunnen verhogen van 1,30% naar 1,35%. Het bestuur is van mening dat met het vaststellen van de premie voor 2023, sprake is van een verbetering voor actieven en niet-actieven. De premie maakt een hogere pensioenopbouw mogelijk voor actieven en de kans op indexatie neemt toe omdat de premie bijdraagt aan herstel van het fonds. Dit laatste is voor zowel actieven als niet-actieven een positieve ontwikkeling. Het Verantwoordingsorgaan heeft over deze onderwerpen namelijk adviesrecht.
Het Bestuur heeft zich gebogen over de uitkomsten van de ALM-studie en de rentetrigger. Daarnaast zijn inzake de beleggingen het stembeleid en het klimaatactieplan bijgewerkt en vastgesteld.
Er is een voorgenomen besluit genomen over de wijzigingen in het beloningsbeleid, waarop deze vervolgens ter advies aan het verantwoordingsorgaan zijn doorgestuurd en ter goedkeuring aan de Raad van Toezicht. Het bestuur heeft in het voorgenomen besluit enkele bestuurders tijdelijk vergoedingen in het vooruitzicht gesteld voor de extra tijd die besteed wordt aan het toewerken naar het nieuwe pensioenstelsel en het samengaan met Bpf zoetwaren. Het bestuur beschouwt deze tijdelijke vergoedingen verantwoord. Naast de reguliere pensioenonderwerpen waar bestuursleden zich over dienen te buigen, zijn dit extra taken die uitgevoerd dienen te worden. Het toewerken naar het nieuwe stelsel en het samengaan zijn complexe trajecten die de nodige en zorgvuldige bestuurlijke aandacht behoeven. Er dienen veel belangrijke stappen gezet te worden die goed voorbereid en uitgewerkt dienen te worden door het bestuur. Het bestuur gaat ervan uit dat het per 1 januari 2023 in te stellen bestuursbureau een deel van die extra werkzaamheden kan overnemen vanaf medio 2023. De inzet is dan ook om deze tijdelijke aanvullende vergoedingen vervolgens weer te kunnen afschalen. Het bestuur acht deze tijdelijke vergoedingen onder meer verantwoord omdat in dit kader “de kosten voor de baten komen”. Hiermee wordt bedoeld dat nu extra tijd en aandacht gevraagd wordt van enkele bestuurders door een overgang op het nieuwe pensioenstelsel zo goed mogelijk voor te bereiden en het samengaan zo gedegen mogelijk te doen. Na het samengaan is een kostenbesparing van enkele miljoenen euro’s per jaar voorzien voor het fonds. Het bestuur acht het alleszins redelijk dat de extra tijd van bestuurders in dit kader voor vergoeding in aanmerking komt.
Er is input meegegeven aan de Raad voor de te houden zelfevaluatie van de Raad. Het Communicatieplan Wtp is vastgesteld onder voorbehoud van een te verkrijgen advies van het Verantwoordingsorgaan daarover. Door de sleutelfunctiehouder Internal Audit zijn het jaarplan 2023 voor Internal Audit en het meerjarenplan gepresenteerd. Het Bestuur heeft verzocht om hierin nog enkele aanpassingen door te voeren, zodat dit op 9 december ter vaststelling kon worden geagendeerd.
De opvolgingen van de aanbevelingen uit het jaarwerkproces 2021 zijn besproken en vastgesteld, waarop dit vervolgens beschikbaar is gesteld aan onder meer de accountant, de Raad van Toezicht en het Verantwoordingsorgaan.
30 november
Samen met Zoetwaren is deze themadag doorlopen. Er is inzake Wtp gesproken over het opheffen van de leenrestrictie, de solidariteitsreserve, het projectierendement en de lifecycle in relatie tot de oudere actieven.
In de middag is een toelichting gegeven op het werken met Microsoft 365. Vanaf 1 januari 2023 wordt door het bestuursbureau en de fondsen met dit pakket gewerkt.
9 december
Het Bestuur heeft het advies van het Verantwoordingsorgaan betrokken in het definitief vaststellen van de wijziging in de ABTN inzake het indexatiebeleid. Vervolgens is de indexatie voor 1 januari 2023 definitief vastgesteld op 1%.
Het beleggingsplan 2023 en het strategisch beleggingsplan zijn vastgesteld. De RSA ESG Risico is besproken en vastgesteld. Het Bestuur heeft het jaarplan en het meerjarenplan Internal Audit vastgesteld.
Verder is er gesproken over het conceptrapport van DNB inzake Operationele Wendbaarheid. Dit heeft betrekking op het Wtp-traject en daarin dient het Bestuur nog diverse zaken verder op te pakken en aan te scherpen. Er is gesproken over de governance-inrichting van het nieuwe pensioenfonds na een samengaan met pensioenfonds Zoetwaren. Ten behoeve van een nieuw aan te trekken lid van het Verantwoordingsorgaan is nogmaals de competentievisie en de profielschets besproken op verzoek van het orgaan. De adviezen van het Verantwoordingsorgaan ten aanzien van het beloningsbeleid, het Communicatieplan Wtp zijn eveneens behandeld.
Het door TKP opgestelde jaarplan en begroting zijn eveneens besproken. Er dienen nog enkele zaken in te worden aangevuld of te worden gewijzigd, alvorens dit kan worden vastgesteld. Er heeft een herijking van het communicatiebeleid plaatsgevonden en dit is ter advies aan het Verantwoordingsorgaan voorgelegd. Er heeft eveneens een update van het risicobeleid plaatsgevonden.
7.3 Dagelijks Bestuur en Bestuurscommissies
Het Bestuur werkt met vaste commissies en werkgroepen. Al naargelang de ter besluitvorming voor te bereiden onderwerpen, kunnen eveneens ad-hocwerkgroepen of commissies worden geformeerd met daarin specifiek op die onderwerpen deskundige Bestuursleden.
De taken en mandaten van alle commissies en het Dagelijks Bestuur zijn beschreven en vastgesteld. In paragraaf 2.3 van dit jaarverslag zijn de commissies weergegeven.
7.4 Geschillencommissie
De wijze waarop het pensioenfonds omgaat met klachten en geschillen is vastgelegd in een klachten- en geschillenregeling. Deze regeling is beschikbaar op de website van het fonds en derhalve voor alle belanghebbenden toegankelijk. Hierin is onder meer vastgelegd hoe met geschillen omgegaan dient te worden. Hiertoe heeft het pensioenfonds een geschillencommissie ingericht. Belanghebbenden kunnen zich tot deze commissie wenden indien zij het niet eens zijn met een besluit van het pensioenfonds over de toepassing van het pensioenreglement en het uitvoeringsreglement. Voor de procedure gelden nadere voorwaarden die zijn vastgelegd in de klachten- en geschillenregeling.
In 2022 zijn er geen geschillen aanhangig gemaakt die door de geschillencommissie in behandeling zijn genomen.
7.5 Goed Pensioenfondsbestuur
Geschikt pensioenfondsbestuur behelst het integer en transparant handelen door het Bestuur, waarbij een belangrijke plaats wordt ingeruimd voor het afleggen van verantwoording aan het Verantwoordingsorgaan over het gevoerde beleid. De principes van geschikt pensioenfondsbestuur zijn verankerd in de Pensioenwet.
Het Bestuur is zich bewust van zijn verantwoordelijkheid voor het goed besturen van het pensioenfonds en zal alles doen wat nodig is voor de handhaving van het vertrouwen in het pensioenfonds. Ontwikkelingen op dit terrein worden nauwlettend gevolgd. Een belangrijk element voor het behoud van vertrouwen is dat bij het nemen van relevante besluiten in ieder geval de belangen zorgvuldig worden afgewogen voor de te onderscheiden deelnemersgroepen. Het Bestuur is zich hiervan continu bewust en deze belangenafwegingen vinden dan ook steeds plaats, zodat in dit kader evenwichtige besluiten tot stand komen.
Governance herstelplan
In het voorjaar van 2021 heeft de Raad van Toezicht de constatering uitgesproken dat de interactie tussen het Bestuur en het Verantwoordingsorgaan moeizaam verloopt. Aanleiding hiervoor is onder meer geweest de ontstane onenigheid op het gebied van het verkiezingsproces en het adviestraject inzake het premiebeleid. Naar aanleiding hiervan heeft het Bestuur reeds in 2021 een Governance Herstelplan opgesteld (versie 1.0). Daarin is nader op deze onderwerpen en het ontstaan van de onenigheid ingegaan. Vervolgens is aangegeven hoe de samenwerking verbeterd kon worden.
Na ongeveer een jaar toepassing te hebben gegeven aan het herstelplan, kon opgemaakt worden dat op veel punten goede uitvoering wordt gegeven aan dat plan en dat op diverse onderdelen de interactie tussen de fondsorganen beter verloopt. Dit gold echter niet over de volle breedte en was helder dat er nog meer zaken opgepakt dienden te worden om de onderlinge relatie te verbeteren en het vertrouwen in elkaar te herstellen.
In juni 2022 heeft er onder begeleiding van een externe partij een sessie met het Verantwoordingsorgaan, de Raad van Toezicht en het Bestuur plaatsgevonden. In die sessie is onder meer vanuit ieder orgaan aangegeven waar het volgens dat orgaan schort aan de samenwerking en het onderlinge vertrouwen. Er is vervolgens ook besproken welke oplossingsrichtingen men hierbij voor ogen heeft en welke bijdrage men hieraan zelf kan leveren.
Het herstel van vertrouwen en een goede samenwerking tussen het Bestuur en het Verantwoordingsorgaan vraagt een bovengemiddelde inzet van alle partijen. De primaire verantwoordelijkheid voor een goede governance ligt echter bij het Bestuur. Hiertoe is een geactualiseerde versie van het Governance Herstelplan (versie 2.0) met plan van aanpak opgesteld door het Bestuur en het Verantwoordingsorgaan samen.
Naar aanleiding van de gezamenlijke sessie in juni 2022, heeft het Verantwoordingsorgaan in eigen kring gesproken over de uitkomsten van die sessie. Er is hierbij geconstateerd dat de onderlinge samenwerking binnen het Verantwoordingsorgaan ook voor verbetering vatbaar was. Dit heeft ertoe geleid dat er wisselingen hebben plaatsgevonden van voorzitter en secretaris van het Verantwoordingsorgaan. Dit Governance Herstelplan 2.0 is tot stand gekomen door middel van afstemming tussen het Bestuur, het Verantwoordingsorgaan en de Raad van Toezicht. Het Bestuur en het Verantwoordingsorgaan hebben verklaard achter het in dit governance herstelplan opgenomen plan van aanpak te staan. De Raad van Toezicht heeft het plan beoordeeld en bevestigd dat in dit plan passende gezamenlijke acties zijn opgenomen om tussen het Verantwoordingsorgaan en het Bestuur de samenwerking te verbeteren en het vertrouwen te herstellen. De Raad van Toezicht ziet toe op de adequate en tijdige opvolging van de uitvoering door Bestuur en Verantwoordingsorgaan door ieder kwartaal met het Bestuur en het Verantwoordingsorgaan de voortgang van het plan te bespreken aan de hand van een voortgangsrapportage. Tussentijdse evaluaties hiervan laten zien dat de samenwerking tussen de fondsorganen inmiddels weer naar wens verloopt en dat sprake is van herstel van vertrouwen.
Het Bestuur heeft voor 2022 doelen gesteld in het kader van:
- Een beheerste transitie naar Wtp (procesmatig, relationeel en communicatief);
- Weten wat er bij de deelnemers speelt;
- Het realiseren van schaalvergroting;
- Het verder vormgeven duurzaamheids- en rendementsdoelstellingen;
- Een toekomstbestendige besturing van het pensioenfonds
Ad 1.
Het Bestuur heeft in 2022 het Wtp-proces continu gemonitord en waar nodig is bijgestuurd. Voor de leden van het Verantwoordingsorgaan en de Raad van Toezicht bestond niet altijd helderheid over het proces en de momenten waarop zij in dit een rol spelen. Gaandeweg het proces heeft het Bestuur hierop de planning meer gedetailleerd opgeleverd en het proces nader toegelicht, zodat ieders rol hierin verhelderd werd. In relationele sfeer heeft het Bestuur veelvuldig contacten met sociale partners en de leden van de fondsorganen. Daarnaast zijn er inzake Wtp diverse kennissessies georganiseerd voor sociale partners en de fondsorganen. Wat communicatie omtrent een beheerste transitie naar Wtp betreft, is eind 2022 een communicatieplan Wtp vastgesteld.
Ad 2.
In 2022 heeft er een risicopreferentieonderzoek plaatsgevonden onder deelnemers.
Ad 3.
Samen met Bpf Zoetwaren heeft het Bestuur een selectieproces doorlopen om een bestuursbureau te selecteren. Daarmee is de bestuursondersteuning naar een hoger plan getrokken. Het bestuursbureau is met ingang van 1 januari 2023 van start gegaan en dit ontlast het Bestuur van onder meer operationele werkzaamheden. Het Bestuur is daardoor in staat om zich meer op strategische onderwerpen zoals schaalvergroting te richten.
Ad 4.
Het Bestuur heeft onder meer het stembeleid geëvalueerd en aan het bijdragen aan het Klimaatakkoord inclusief CO2-reductiedoelstellingen verdere uitvoering gegeven.
Ad 5.
Er is een jaarplan 2022 opgesteld. In het kader van opleidingen is in kaart gebracht welke behoeften er zijn en is opvolging gegeven aan het uitvoeren hiervan. Besluitvorming vindt plaats conform het BOB-model (beeldvorming-oordeelsvorming-besluitvorming) en voorleggers zijn helder. Er is een Risk Control Framework opgesteld.
Rapportages sleutelfunctiehouders over 2022
In de bestuursvergadering van 10 februari 2023 is de rapportage van de sleutelfunctiehouder Internal Audit over 2022 aan de orde gesteld. Er is toegelicht welke audits hebben plaatsgevonden en welke bevindingen en opvolgingen hierbij aan de orde zijn geweest. Het Bestuur heeft hiervan kennisgenomen.
De rapportage van de sleutelfunctiehouder Risicobeheer is op 24 maart 2023 in het Bestuur besproken is. Per einde 2022 acht de Sleutelfunctiehouder Risicobeheer dat de risico’s binnen het fonds afdoende zijn beheerst. De punten die eind 2022 als belangrijkste risico’s worden gezien, worden allen in 2023 verder opgepakt. Het is daarbij een aandachtspunt om de tijd en inspanning die geleverd wordt ten aanzien van de strategische projecten, niet ten koste te laten gaan van het reguliere risicobeheer.
Beleidsmatig zal de Sleutelfunctiehouder Risicobeheer in 2023 de bestaande lijn voortzetten. Dat wil zeggen dat deze onafhankelijk, maar actief richting geeft aan het risicobeheer binnen het fonds, zowel op financiële als niet-financiële risico’s. In 2023 zal hierbij de nadruk liggen op de borging van een beheerste transitie naar het nieuwe pensioenstelsel en het samengaan met Bpf Zoetwaren alsook op de risicobeheersing in de voorbereidingen daarop, bijvoorbeeld op het gebied van uitbesteding, IT en governance.
De rapportage van de sleutelfunctiehouder Actuarieel wordt dat ieder kwartaal in het Bestuur besproken. Er zijn dit jaar geen bijzonderheden aan de orde.
7.5.1 Code Pensioenfondsen
In de Code Pensioenfondsen is een aantal opgenomen onderwerpen nader uitgewerkt met betrekking tot onder meer benoeming, deskundigheid, geschiktheid en diversiteit. De Code Pensioenfondsen is geen doel op zich, maar een middel om pensioenfondsen beter te laten functioneren. Ook moet de Code Pensioenfondsen zorgen voor meer vertrouwen van de belanghebbenden in het bijzonder en van de maatschappij in het algemeen. Deskundigheid, betrokkenheid en goede samenwerking vormen de basis voor goed bestuur van een pensioenfonds. Goed pensioenfondsbestuur heeft overigens niet alleen betrekking op het Bestuur, maar ziet op alle organen van het pensioenfonds.
De Code Pensioenfondsen is wettelijk verankerd. De normen in de Code Pensioenfondsen zijn een aanvulling op wet- en regelgeving. De normen in de Code Pensioenfondsen zijn weliswaar leidend, maar de Code Pensioenfondsen laat ruimte voor de eigen verantwoordelijkheid van het pensioenfondsbestuur. De pensioenfondsen mogen de Code Pensioenfondsen daarom naleven volgens het ‘pas-toe-of-leg-uit’-beginsel. Afwijken van de norm is dus mogelijk, als daar een goede reden voor is. Het pensioenfonds wil echter zoveel mogelijk de Code volgen.
Hieronder zijn de aanbevelingen uit de Code Pensioenfondsen opgenomen waaraan niet (volledig) wordt voldaan en de eventuele acties die het Bestuur heeft genomen:
Zittingsduur bestuursleden (Norm 34)
In de code is opgenomen dat de zittingsduur van een bestuurslid maximaal vier jaar mag bedragen, waarbij een bestuurslid maximaal twee keer kan worden herbenoemd. In de statuten heeft het Bestuur bewust opgenomen dat het Bestuur bevoegd is om op grond van gewichtige redenen (bijvoorbeeld continuïteit en de borging van deskundigheid binnen het Bestuur) af te wijken van de maximale zittingsperiode van twaalf jaar. Het Bestuur wil zoveel als mogelijk de code volgen.
Het Bestuur wijkt op grond van gewichtige redenen met de herbenoeming van de heer Van Straten per 1 december 2020 af van de maximale zittingstermijn van 12 jaar. Het Bestuur overwoog hem als sleutelfunctiehouder Internal Audit te gaan inzetten vanuit het Bestuur. Dat zou alleen logisch en zinvol zijn als hij dit voor langere tijd zou kunnen invullen. De gedegen kennis van de heer Van Straten over het pensioenfonds was in dit kader een belangrijke pré bij het invullen van de sleutelfunctie. Doordat het Bestuur in de afgelopen tijd diverse nieuwe Bestuursleden heeft verwelkomd, achtte het Bestuur het wenselijk om over te gaan tot herbenoeming van de heer Van Straten zodat onder meer kennis over de historie van het pensioenfonds in voldoende mate behouden blijft. Tevens vormt hij in discussies en besluitvormingsprocessen binnen het Bestuur onder meer het geheugen en geweten van het fonds. Naast zijn specifieke juridische kennis, vertegenwoordigt hij bij uitstek de gewenste countervailing power ten opzichte van de BAC.
Er is in dit kader in een vroeg stadium afstemming geweest met de Raad van Toezicht. Nadat de Raad deze voorgenomen herbenoeming niet had belet, is vervolgens in een vroeg stadium het voornemen tot herbenoeming aan DNB voorgelegd. Na hierop een positieve reactie van DNB te hebben ontvangen, is overgegaan tot het herbenoemen als bestuurslid en het benoemen tot sleutelfunctiehouder Internal Audit.
7.6 Raad van Toezicht
7.6.1 Verslag Raad van Toezicht
7.6.2 Inleiding
Conform de statuten van pensioenfonds voor het Bakkersbedrijf legt de Raad van Toezicht (hierna: Raad) van het pensioenfonds jaarlijks verantwoording af over de uitvoering van de taken en de uitoefening van bevoegdheden aan het Verantwoordingsorgaan en in het jaarverslag.
Daarnaast legt de Raad zijn waarnemingen en aanbevelingen over het afgelopen boekjaar vast. Dit doet de Raad aan de hand van een vooraf vastgesteld normenkader. Deze rapportage is als volgt opgezet:
- onderdeel 1: algemeen oordeel;
- onderdeel 2: verantwoording;
- onderdeel 3: bevindingen en aanbevelingen;
- onderdeel 4: goedkeuring besluit vaststelling bestuursverslag en jaarrekening 2022.
1. Algemeen oordeel
De Raad heeft een positief oordeel met aandachtspunten over het algemene beeld van het fonds. De raad heeft waardering voor de inzet en toewijding waarmee het Bestuur zijn werk doet. Besluitvorming vindt in het algemeen zorgvuldig plaats en de vastlegging van de evenwichtige belangenafweging vindt bij alle relevante besluiten plaats.
In 2022 is veel tijd en aandacht besteed aan de samenwerking tussen de fondsorganen. Dit heeft geleid tot een verbeterde dialoog en informatievoorziening. Het komende jaar wordt verder uitvoering gegeven aan de acties zoals opgenomen in het Governance Herstelplan 2.0. Daarnaast is in 2022 een bestuursbureau geselecteerd waarmee vanaf 2023 het Bestuur meer ontlast wordt.
De Raad stelt vast dat het Bestuur voornemens is per 1 januari 2025 in te varen en op hetzelfde moment te fuseren met Bpf Zoetwaren. In 2023 zal het toezicht daarom voornamelijk in het teken staan van deze projecten en de daarbij behorende risico’s. De Raad wil kunnen vaststellen dat het bestuur een adequate risicoanalyse heeft gemaakt en hierbij afdoende beheersmaatregelen heeft getroffen.
De Raad is van mening dat het Bestuur stappen moet maken op gebied van:
- formuleren van randvoorwaarden voor fusie, implementatie wet toekomst pensioenen en launching customer bij TKP;
- regievoering op fusie, implementatie Wet toekomst pensioenen en launching customer bij TKP (waaronder de planning en organisatie van deze trajecten); en
- vastlegging van overwegingen van besluiten.
2. Verantwoording
De Raad houdt toezicht op het beleid van het Bestuur en op de algemene gang van zaken in het fonds en is onder andere belast met het toezicht op een adequate risicobeheersing en de evenwichtige belangenafweging door het Bestuur.
De Raad is ter uitoefening van het intern toezicht in 2022 veelvuldig bijeengekomen voor onderling overleg of overleg met het Bestuur, Verantwoordingsorgaan en sleutelfunctiehouders. Daarnaast heeft de Raad deelgenomen aan diverse bijeenkomsten van het fonds, zoals themadagen. De voorzitters van het Bestuur, de Raad en het Verantwoordingsorgaan hebben in 2022 een aantal malen voorzittersoverleg gehad. Tot slot heeft de Raad gesproken met de waarmerkend actuaris en de onafhankelijke accountant aangaande hun rapportage en bevindingen ten aanzien van het jaarwerk van het pensioenfonds.
Het uitoefenen van het intern toezicht doet de Raad onder meer door:
- het voeren van een continue dialoog met het Bestuur, zowel mondeling als schriftelijk;
- het voeren van overleg en het afleggen van verantwoording aan het Verantwoordingsorgaan.
- het vastleggen van bevindingen uit het uitgeoefende toezicht in dit rapport.
Naast de hiervoor genoemde taken heeft de Raad goedkeuringsrechten inzake een aantal bestuursbesluiten. In dat kader heeft de raad in 2022 goedkeuring gegeven aan het besluit van het Bestuur tot:
- aanpassing van het beloningsbeleid;
- vaststelling van het bestuursverslag en de jaarrekening 2021;
- vaststelling van het functieprofiel Bestuur.
In het kader van de jaarlijkse zelfevaluatie heeft de Raad in 2022 zijn functioneren geëvalueerd en met de feedback van Bestuur en Verantwoordingsorgaan open en kritisch gekeken naar de invulling van de eigen rol en de samenwerking met het Bestuur en het Verantwoordingsorgaan. Dit heeft geleid tot een gewijzigde toezichtvisie en nieuwe werkwijze met focus op:
- hoofdlijnen en heldere boodschappen door
- aandachtspunten per toezichtthema (in plaats van gedetailleerde normen) en
- continue dialoog met Bestuur en Verantwoordingsorgaan.
De Raad heeft over de uitvoering van de taken en de uitoefening van de bevoegdheden over 2022 verantwoording afgelegd aan het Verantwoordingsorgaan, onder andere door middel van het toelichten van deze rapportage.
3. Bevindingen en aanbevelingen
Het onderdeel bevindingen en aanbevelingen is als volgt ingedeeld:
- 3.1: opvolging van de aanbevelingen over 2021;
- 3.2: bevindingen toezichtthema’s 2022;
- 3.3: thema’s Code Pensioenfondsen.
3.1 Opvolging aanbevelingen 2021
De Raad heeft kennisgenomen van de rapportage van het Bestuur waarin de opvolging van diverse aanbevelingen zichtbaar is gemaakt. Voor een aantal aanbevelingen is dat niet volledig het geval:
- update van de businesscase en het definiëren van kritische succesfactoren voor het samengaan met Bpf Zoetwaren; en
- verbetering van het ESG-beleid en de implementatie daarvan.
De Raad signaleert verder dat prioritering van bevindingen ontbreekt en dat niet duidelijk is waar de opvolging en verbetering zijn terug te vinden. Dit is besproken met het Bestuur. Het Bestuur heeft aangegeven in het vervolg een meer concrete terugkoppeling te geven.
3.2 Bevindingen toezichtthema's 2022
Bevindingen
Aan het begin van 2022 heeft de Raad een toezichtplan opgesteld met daarin specifieke, voor het pensioenfonds, relevante toezichtthema’s. Dit plan is afgestemd met het Bestuur en het Verantwoordingsorgaan. Per toezichtthema heeft de Raad normen opgesteld waaraan de Raad toetst. Deze normen zijn mede gebaseerd op de Code Pensioenfondsen en de VITP-toezichtcode. Hieronder worden per thema de bevindingen en de aanbevelingen toegelicht.
A. Governance: relatie tussen organen, gedrag & cultuur
In 2022 heeft het Bestuur veel tijd besteed aan de samenwerking tussen het Bestuur, het Verantwoordingsorgaan en de Raad van toezicht. De Raad heeft waardering voor de inzet van het Bestuur en het Verantwoordingsorgaan om te komen tot een constructieve samenwerking en het formuleren van diverse concrete verbeteracties. De Raad stelt vast dat op het gebied van governance duidelijk een stijgende lijn waarneembaar is.
Het Bestuur heeft veel werkzaamheden uitbesteed aan diverse partijen. De monitoring van deze uitbestedingen is adequaat georganiseerd. Door de uitbestede partijen worden tijdig en kwalitatief goede voortgangsrapportages van de projecten opgeleverd. De Raad constateert dat binnen het Bestuur, tussen commissies en richting de overige fondsorganen de afstemming over de projecten implementatie Wet toekomst pensioenen, launching customer TKP en fusie soms te wensen overlaat.
Aanbevelingen:
Blijf werken aan de relatie tussen en de communicatie over de voortgang van de projecten binnen het Bestuur en met de fondsorganen. Zeker met het oog op de komende periode waarin belangrijke besluiten genomen moeten worden inzake de fusie en de implementatie van de Wet toekomst pensioenen, kan hier niet genoeg aandacht voor zijn.
Leg vast en communiceer tijdig over wat het Bestuur doet met de voortgangsrapportages van de projecten.
B. Governance: nieuwe competenties in aanloop naar het nieuwe Pensioencontract en samengaan; en inrichting nieuwe governancestructuur
In 2022 is door diverse bestuursleden door de ontwikkelingen inzake de fusie met Bpf Zoetwaren, de implementatie Wet toekomst pensioenen en de selectie van een bestuursbureau meer tijd besteed dan de VTE-norm die voor de betreffende functies staat. Het Dagelijks Bestuur werkt momenteel een voorstel uit voor een betere taakverdeling binnen het Bestuur, zodat de werkzaamheden evenwichtiger verdeeld worden en er een einde komt aan de overbelasting van enkele bestuursleden.
Eind 2022 is een besluit genomen over de selectie van een bestuursbureau; het geselecteerde bureau is gestart op 1 januari 2023. Taakverdeling Bestuur en bestuursbureau wordt door het Dagelijks Bestuur uitgewerkt. De Raad constateert dat met de instelling van een bestuursbureau een belangrijke stap is gezet om het Bestuur te ontlasten en het fonds te professionaliseren.
In 2022 zijn de standpunten en wensen van beide fondsbesturen ten aanzien van de inrichting van de governancestructuur van het nieuwe fonds besproken.
Aanbevelingen:
Neem bij de update van de taakverdeling de volgende punten in acht:
- Inventarisatie van de benodigde competenties waaronder IT.
- Beschikbare tijd van bestuursleden, externe adviseurs en bestuursbureau.
- Effectiviteit en efficiëntie van de werkwijze.
Start tijdig met het bespreken van de verwachtingen ten aanzien van de governance voor de diverse fondsgremia als gevolg van de fusie. Overweeg daarbij de inrichting van een ander bestuursmodel.
C. Nieuw Pensioencontract
Het fonds heeft de intentie om op 1 januari 2025 de transitie naar het nieuwe pensioencontract (project 1) als launching customer bij TKP (project 2) te realiseren en tegelijk te fuseren met Bpf Zoetwaren (project 3).
Het Bestuur neemt de leiding in deze projecten door de aanstelling van een projectleider. Er is sprake van een voorbereidingsgroep en een stuurgroep. Daarnaast vindt de voorbereiding op de transitie in de Communicatieadviescommissie, Beleggingsadviescommissie en de Pensioen- en uitbestedingsadviescommissie plaats. Volgens de Raad kan hier nog een slag gemaakt worden. Dit is nodig om richting belanghebbenden de keuzes en de overwegingen inzichtelijk te maken. Het is bijvoorbeeld niet helder wat de overwegingen zijn om deze drie projecten tegelijkertijd te laten plaatsvinden. De Raad van Toezicht signaleert hierbij diverse risico’s en wil kunnen vaststellen dat het Bestuur een adequate risicoanalyse heeft gemaakt, en hierbij afdoende beheersmaatregelen heeft getroffen. Hierbij signaleert de Raad van Toezicht enerzijds dat veel antwoorden en afwegingen weliswaar aanwezig zijn maar niet altijd zijn vastgelegd; anderzijds signaleert de Raad van Toezicht dat bestuursleden bij sommige onderwerpen een andere beleving hebben. Het is van belang voor het goed verlopen van deze projecten dat iedereen op dezelfde golflengte zit en dat er duidelijkheid is over keuzes, afwegingen en risicomanagement.
De fondsorganen worden op de hoogte gehouden middels voortgangsrapportages en kennissessies. Tevens zijn tijdslijnen met de fondsorganen afgestemd en vastgelegd in de interactiekalender in het Governance Herstelplan 2.0. Het pensioenfonds heeft de sociale partners van berekeningen op gebied van premie en ambitie voorzien waardoor sociale partners een richtinggevend besluit hebben kunnen nemen.
In de voorgangsrapportages is een risicoanalyse opgenomen. Hierin is onder andere het risico “onderling vertrouwen tussen stakeholders” benoemd. Wat ontbreekt is een onderkenning van het risico op een financiële crisis op de kapitaalmarkten zoals een beurscrash en stevige daling van de dekkingsgraad en wat dat betekent voor de voortgang van de implementatie van de Wet toekomst pensioenen en de fusie met Bpf Zoetwaren.
Het Bestuur heeft met TKP en Bpf Zoetwaren een letter of intent opgesteld waarin is vastgelegd dat de twee pensioenfondsen launching customer zijn van TKP. Hierin worden ook risico’s en drie alternatieve plannen benoemd. Deze risico's worden door het Bestuur bewaakt door middel van de voortgangsrapportages van TKP. In de risicorapportage van TKP worden diverse risico's als ‘hoog’ gekwalificeerd; onduidelijk is of en welke gevolgen dit heeft voor de beoogde transitiedatum. De Raad verwacht dat het Bestuur deze risico’s niet ter kennisgeving aanneemt, maar bespreekt en adresseert.
Het Bestuur beschikt over een begroting voor 2022 voor het nieuwe pensioencontract en het samengaan met Bpf Zoetwaren, maar deze beperkt zich tot de werkzaamheden van de projectleider. In de begroting voor 2023 zijn wel alle kosten voor beide projecten opgenomen.
DNB heeft inzake het onderzoek Operationele Wendbaarheid, dat in de zomer van 2022 is uitgevoerd, geconstateerd dat BPF Bakkers op een aantal punten nog niet goed voorbereid is op de overgang naar het nieuwe pensioencontract. Het conceptrapport van DNB is in december 2022 met een afvaardiging van het Bestuur besproken. In dit gesprek heeft DNB aangegeven dat het fonds inmiddels al relatief veel extra stappen in het kader van de transitie heeft gezet. De toezichthouder van DNB informeert het fonds nog over de vervolgacties die DNB verwacht.
Aanbevelingen:
Maak de samenhang, de keuzes, de afwegingen, de risico-inschattingen en de beheersmaatregelen inzake de fusie met Bpf Zoetwaren, de implementatie van de Wet toekomst pensioenen en launching customer bij TKP inzichtelijk en leg deze vast zodat vastgesteld kan worden dat dit proces beheerst en integer verloopt en tijdig aanvullende maatregelen getroffen kunnen worden.
Stel een analyse op met betrekking tot een financiële crisis op de kapitaalmarkten zoals een beurscrash en stevige daling van de dekkingsgraad. Besteed hierbij aandacht aan wat dat betekent voor de voortgang van de implementatie van het de wet toekomst pensioenen en de fusie met Bpf Zoetwaren.
D. Risicomanagement
Het risicomanagement is adequaat ingericht. Risicoafweging in bestuursbesluiten vormt onderdeel van de besluitvorming van het Bestuur, maar is niet in alle gevallen vastgelegd.
Risicoanalyses voor de projecten implementatie Wet toekomst pensioenen, launching customer bij TKP en fusie met Bpf Zoetwaren zijn in 2022 opgesteld respectievelijk geactualiseerd, maar dienen met het oog op de beoogde transitiedatum in 2023 frequenter te worden bijgewerkt en besproken in het Bestuur zodat tijdig aanvullende beheersmaatregelen kunnen worden genomen.
Aanbevelingen:
Zorg voor een vastlegging van de risicoafwegingen door het Bestuur.
Actualiseer de risicoanalyses van de projecten ieder kwartaal.
E. Communicatie
De Raad constateert dat het Bestuur voldoende aandacht besteed aan het correct, tijdig en evenwichtig communiceren naar belanghebbenden over de relevante ontwikkelingen binnen het pensioenfonds.
Aanbevelingen:
Geen.
3.3 Code Pensioenfondsen
Het Bestuur heeft de aanbevelingen en best practices van de Code Pensioenfondsen ingevoerd in de bedrijfsvoering. De Raad heeft kennisgenomen van de analyse van het Bestuur op de naleving van de Code en onderschrijft deze. De Raad gaat hieronder in op de volgende thema's uit de Code Pensioenfondsen:
- Verantwoordelijkheid nemen
- Kwaliteit nastreven
- Gepast belonen
Verantwoordelijkheid nemen
De Raad ziet dat het Bestuur met veel inzet en toewijding haar werkzaamheden verricht. De effectiviteit en efficiency van de werkzaamheden behoeft aandacht. Het Bestuur heeft zijn werkwijze geëvalueerd en geconcludeerd dat in de vergaderingen meer efficiency behaald kan worden. Vanaf het tweede halfjaar 2022 werkt het Bestuur met een vaste agenda-indeling en een nieuwe voorlegger. Besluitvorming zoals bijvoorbeeld de selectie van een bestuursbureau kende een zeer lange doorlooptijd waardoor de slagvaardigheid van het Bestuur beperkt was.
De Raad verwacht dat het bestuursbureau de toepassing van de nieuwe werkwijze verder zal ondersteunen en waar nodig verbeteren.
Zorgvuldig benoemen
De procedure voor de herbenoeming van de werkgeversvoorzitter per 1 juli 2022 is door het Bestuur in februari 2022 gestart. De Raad van Toezicht heeft de werkgeversvoorzitter gevraagd naar een plan van aanpak om invulling te geven aan de verbetering van de verhouding met het Verantwoordingsorgaan en de versterking van de kwaliteit van het Bestuur. Dit plan is opgesteld door de werkgeversvoorzitter en ondersteund door het gehele Bestuur, waarna de herbenoeming per 1 juli 2022 heeft plaatsgevonden.
Gepast belonen
De normen uit de Code zijn door het Bestuur nageleefd. Het Bestuur heeft in verband met de overbelasting in 2022 van het Dagelijks Bestuur en een aantal leden voor de eerste helft van 2023 tot een tijdelijke verhoging van de VTE-norm besloten.
Het Dagelijks Bestuur werkt in het eerste kwartaal van 2023 een voorstel uit voor een betere taakverdeling binnen het Bestuur, zodat een einde komt aan de overbelasting van enkele bestuursleden. De Raad heeft in januari 2023 het beloningsbeleid 2023 goedgekeurd.
4. Goedkeuring bestuursbesluit vaststelling jaarverslag 2022
De Raad van Toezicht constateert dat het proces van totstandkoming van het besluit van het Bestuur tot vaststelling van het bestuursverslag en de jaarrekening over 2022 zorgvuldig is geweest. Volgens de Raad heeft het Bestuur voldoende blijk gegeven van een adequate risicobeheersing en evenwichtige belangenafweging bij de uitoefening van zijn taak en bij het opstellen van dit besluit en de onderliggende stukken. De Raad heeft daarom goedkeuring gegeven aan het bestuursbesluit tot de vaststelling van het bestuursverslag en de jaarrekening 2022.
7.6.3 Reactie van het bestuur op verslag Raad van Toezicht
Allereerst dankt het Bestuur de Raad voor de constructieve samenwerking in 2022 en het positieve oordeel over het algemene beeld van het fonds.
In 2022 is met de Raad en het Verantwoordingsorgaan veel tijd en aandacht besteed aan de samenwerking tussen de fondsorganen. Dit heeft geresulteerd in een verbeterde dialoog en informatievoorziening en herstel van vertrouwen. Deze ingezette lijn van verbetering en herstel hopen we in de toekomst verder door te zetten.
Een belangrijk aspect hierin is om onder meer inzake de projecten van toewerken naar Wtp en het samengaan met Bpf Zoetwaren, de Raad van Toezicht en het Verantwoordingsorgaan tijdig te informeren over de voortgang en de vervolgstappen die zich aandienen. Daarbij zal het Bestuur steeds helder maken wat er verwacht wordt van alle stakeholders, zodat de projecten volgens planning op een beheerste en integere wijze uitgevoerd kunnen worden. Hierbij zullen steeds risicoafwegingen betrokken worden in de diverse te nemen stappen. Er is met ingang van 1 januari 2023 een bestuursbureau aangesteld, waarmee het Bestuur meer effectiviteit en efficiëntie in de uitvoering hoopt te realiseren. Binnen het Bestuur zal hiermee een afname van de werkdruk worden gerealiseerd.
7.7 Verantwoordingsorgaan
7.7.1 Verslag van het Verantwoordingsorgaan
Conform de statuten van pensioenfonds voor het Bakkersbedrijf doet het Verantwoordingsorgaan (VO) jaarlijks verslag van haar bevindingen.
Evenwichtige belangenafweging en adequate risicobeheersing
- Bij alle relevante beleidsbeslissingen heeft het bestuur een expliciete afweging gemaakt van de belangen van de afzonderlijke belangengroepen.
- Het bestuur verantwoordt in een dialoog met het VO en in het jaarverslag de risico’s en het risicomanagement en hoe deze op een integere wijze wordt beheerd.
Bevindingen
- De risico’s met betrekking tot de beleggingen zijn op orde.
- Het VO onderschrijft de rapportage van de RvT en deelt de bevindingen van de RvT over de risicohouding.
- In de notulen van de bestuursvergadering is niet altijd terug te vinden in welke mate en hoe de belangen van de deelnemers evenwichtig zijn afgewogen.
Oordeel
- Het VO oordeelt positief op het rapport van de RvT.
- Het zichtbaar maken van de manier waarop belangen bij relevante besluitvorming evenwichtig zijn afgewogen blijft een aandachtspunt.
Advies
Maak in de notulen duidelijk inzichtelijk op welke manier de evenwichtige belangen zijn gewaarborgd en zijn afgewogen.
Opdrachtaanvaarding
- Het bestuur van het fonds streeft er naar dat alle belanghebbenden zo veel mogelijk duidelijkheid krijgen over de doelstellingen, het ambitieniveau van de toeslagverlening en de risicohouding van de pensioenregeling die de sociale partners als opdracht in uitvoering aan het fonds geven.
- De besluiten zijn in overleg met de organen genomen en de resultaten zijn weergegeven in een haalbaarheidstoets, uitgelegd, besproken in dialoog met het VO en vastgelegd.
Bevindingen
- De haalbaarheidstoets bevindt zich binnen de afgesproken grenzen.
- Het resultaat stijgt van 81,9 naar 85,7%.
Oordeel
Het VO is positief over de ontwikkelingen.
Beleggingsbeleid
- Het bestuur gaat als een goed huisvader om met het belegde vermogen.
- Het bestuur borgt dat fiduciair- en vermogensbeheer gescheiden zijn en dat het bestuur in control is op alle processen, in het bijzonder op de kosten.
- Er is beleid voor maatschappelijk verantwoord beleggen.
Bevindingen
- De rendementsontwikkeling was 1,0% hoger dan de benchmark.
- Het rendement op de beleggingen over het hele jaar was -24,11%.
Oordeel Het VO is van oordeel dat de marktomstandigheden afgelopen jaar extreem waren, waardoor reparatie aan de orde van de dag was. Het negatieve rendement werd voornamelijk veroorzaakt door de stijgende rente, waardoor er moest worden afgeschreven op obligaties. Vorig jaar was door ons al een waarschuwing afgegeven over de renteafdekking. Dit heeft ons ook in 2022 weer geld gekost.
Aanbeveling
Zorg voor een adequate rente-afdekking en beoordeel het ESG-beleid niet alleen op duurzaamheid maar ook op resultaat.
Communicatiebeleid
- Het communicatiebeleid wordt uitgevoerd volgens plan en het VO wordt hierbij voldoende betrokken.
- De website wordt goed onderhouden en is actueel.
- De deelnemers worden actief benaderd bij belangrijke onderwerpen.
- Het fonds communiceert in begrijpelijke taal met de deelnemers.
Bevindingen
- Er is een Strategisch Communicatiebeleid vanaf 2020.
- Er was een planning gemaakt van campagnes en mailingen voor 2022. Deze zijn allemaal uitgevoerd; de mailingen zijn echter niet allemaal bij de juiste deelnemersgroepen terecht gekomen.
- Het nieuwsbericht op de website over de indexatie van 1% bevatte deels onjuiste informatie. Dit is langere tijd op de site blijven staan, ook nadat de uitvoerder en het bestuur hiervan op de hoogte waren gebracht.
Over het communicatieplan NPS en het strategisch communicatiebeleid heeft het VO, zij het met enige aanvullingen, een positief advies afgegeven.
Oordeel
Het VO is van oordeel dat de communicatie met deelnemers beter moet en dat meer aandacht aan de website moet worden besteed om de in 2022 gemaakte fouten te voorkomen.
Aanbeveling
Nu en de komende jaren staat het fonds voor grote uitdagingen met het samengaan met Zoetwaren en de overgang naar het nieuwe pensioenstelsel. Dat betekent dat er veel gecommuniceerd moet en gaat worden. Geef aan de communicatie de aandacht en tijd die het nodig heeft, voorkom fouten en onduidelijkheid!
Herstelplan
Als het fonds reservetekorten heeft, dient het bestuur een herstelplan in. Het plan bevat maatregelen om kortingen te voorkomen, weer snel gezond te zijn en haar reserves op orde te hebben.
Bevindingen
- Het financiële herstel is in 2021 sterk verbeterd terwijl dit vorig jaar nog kritisch was. Met name de ontwikkeling van de rente droeg hieraan bij.
- Het verlenen van toeslag op korte en middellange termijn blijft echter nog steeds ver achter bij de doelstellingen van het fonds.
- Het opbouwpercentage loopt terug van 1,6% naar 1,3%.
Oordeel
- Het VO oordeelt dat het herstel van het fonds is verbeterd maar dat de achterstand ten opzichte van andere fondsen nog steeds erg groot is.
- Als er niet structureel iets verandert, versobert de pensioenregeling in de komende jaren door het teruglopen van het opbouwpercentage.
Aanbeveling
Het VO beveelt het bestuur aan om actief in overleg te treden met sociale partners over de kwaliteit van de pensioenregeling en de premiehoogte, zodat helder en duidelijk wordt of de regeling nog passend is bij de doelstellingen van het fonds in het waarborgen van een deugdelijke oudedagsvoorziening voor de deelnemers. Stel daarbij realistische grenzen vast voor de korte en de lange termijn.
Bestuurlijke principes/governance
- Het bestuur en de RvT leggen regelmatig verantwoording af over het gevoerde beleid, resp. het toezicht.
- Het bestuur heeft een transparante werkwijze en informeert het VO tijdig over relevante onderwerpen.
- Wet- en regelgeving worden consequent toegepast en het VO heeft voldoende invloed op het goed uitvoeren van haar verantwoordelijkheden.
- Het bestuur communiceert helder met de belanghebbenden.
- De rol van het VO wordt gerespecteerd.
Bevindingen
- Einde 2021 was al gesignaleerd dat de verhoudingen tussen het VO en bestuur zodanig verslechterden dat interventie nodig was. Op voorstel van de RvT is begin 2022 een verbetertraject gestart onder externe begeleiding. Allereerst zijn er bijeenkomsten gehouden met ieder van de drie organen apart. Vervolgens zijn in juni en september twee gezamenlijke bijeenkomsten georganiseerd. Tijdens die sessies zijn harde noten gekraakt en zijn verbeterafspraken gemaakt.
- Gestart is met gezamenlijke themasessies, waarbij ook aandacht is voor de sociale component. Na de covid-periode was ook daar een inhaalslag gewenst. Afgesproken is ook dat VO-leden als toehoorder bestuursvergaderingen kunnen bijwonen, mits de fysieke ruimte dat toelaat.
- Binnen het VO is de samenstelling veranderd. Voorzitter en secretaris hebben hun functie ter beschikking gesteld en de rollen zijn opnieuw ingevuld. Een VO-lid namens de gepensioneerden is door de benoemende organisatie vanwege externe redenen teruggetrokken. Het traject om te komen tot invulling van de ontstane vacature loopt nog.
- Het VO is veelvuldiger bij elkaar gekomen dan in voorgaande jaren, mede door het verbetertraject en de gezamenlijke themadagen.
- Het VO heeft eind 2022, voor het eerst sinds het aantreden van drie nieuwe leden eind 2020, een zelfevaluatie uitgevoerd.
Een en ander heeft geresulteerd in concrete afspraken over verbetering van de communicatie en uitwisseling van stukken. Daarnaast is, met name onder sturing van het bestuur, het governance herstelplan uitgewerkt en uitgebreid met een inzichtelijk tijdpad waarin is aangegeven wanneer welk orgaan aan zet is, met name waar het gaat om de overgang naar de nieuwe pensioenregeling en het samengaan met Bpf Zoetwaren. Binnen het bestuur zijn bovendien afspraken gemaakt die waarborgen dat bij onderwerpen steeds duidelijk is welke (formele) rol het VO eventueel heeft in de besluitvorming. Het governance herstelplan zal ieder kwartaal door de leden van alle drie de organen worden geëvalueerd.
Oordeel
Het heeft veel moeite gekost om de weg naar elkaar toe weer te vinden. Het VO waardeert de nieuwe openheid en de ruime mate waarin informatie door het bestuur ter beschikking wordt gesteld. Het zal nog enige tijd nemen voordat een nieuwe werkwijze echt zal zijn ingesleten. Met name de nieuwe rolopvatting van bestuur en RvT krijgen zichtbaar en merkbaar vorm. Het VO heeft naar aanleiding van de in de zelfevaluatie gesignaleerde punten nog werk te verzetten.
Aanbeveling
Er is inmiddels meer informatie beschikbaar gekomen en gedeeld over de samenwerking met Bpf Zoetwaren. Probeer adviesaanvragen nog concreter vorm te geven, zodat voor het VO de informatie duidelijk is en zij zich een goed oordeel kan vormen alvorens advies uit te brengen.
Uitvoering, kosten en beloningsbeleid
- Bij de uitvoering van de administratie staat kwaliteit voorop, de kosten dienen marktconform te zijn.
- In het bestuursverslag verantwoordt het bestuur op transparante wijze de kosten.
- Het beloningsbeleid dient marktconform te zijn en in evenwicht met de te leveren inspanningen.
Bevindingen
- De uitvoeringskosten liggen rond het gemiddelde in de pensioensector.
- De extra werkzaamheden ten behoeve van het fusietraject kosten helaas meer tijd en dus geld dan voorzien. Ook de voorbereidingen voor de invoering van de Wtp betekenen een forse financiële investering.
- Het bestuur heeft een duidelijke keuze gemaakt tot het inrichten van een bestuursbureau.
Het VO heeft de werkdruk van enkele bestuursleden onderkend en op de in het beloningsbeleid 2023 voorgedragen verhoging een positief advies afgegeven, zij het onder het voorbehoud dat deze verhoging tijdelijk is en op 1 juli 2023 weer genormaliseerd moet zijn.
Op de in de adviesaanvraag voorgestelde verhoging voor beide voorzitters heeft het VO weloverwogen en onderbouwd negatief geadviseerd.
Oordeel
Door alle werkzaamheden in het kader van de Wtp en fusie zien we de kosten per deelnemer oplopen met bijna 10%.
Aanbeveling
We roepen het bestuur op de kosten te monitoren en te waken voor het verder oplopen ervan.
Premie- en toeslagbeleid
- De premie voor de regeling is kostendekkend en stabiel.
- De rendementen zouden moeten leiden tot een waardevast pensioen voor de deelnemers op korte en lange termijn.
- Bij de besluitvorming van het bestuur moet aantoonbaar blijken dat de belangen van alle deelnemers evenwichtig worden afgewogen, bijvoorbeeld middels maatmens berekeningen.
- De premiedekkingsgraad moet acceptabel en stabiel zijn en er is beleid over de hoogte van de premie tijdens de herstelperiode van het fonds.
- De betrokkenheid van het VO wordt bevorderd en de adviesaanvragen voldoen aan de uitgangspunten van het VO.
Bevindingen
- De premie is kostendekkend maar heeft in 2022 niet bijgedragen aan herstel.
- De pensioenopbouw is verlaagd naar 1,3%.
- De premie voor de excedentregeling is door vaststelling van de solvabiliteitstoeslag verlaagd.
- Het bestuur heeft de aanbevelingen van het VO betreffend een 100% kostendekkende excedentregeling overgenomen.
- Premie en haalbaarheidstoets zijn door bestuur en actuaris naar tevredenheid uitgelegd.
- De gestegen rente heeft eind 2022 een positieve draai aan de te lage premiedekkingsgraad gegeven.
- Al sinds 2008 is er geen toeslag meer verleend. De achterstand is sindsdien inmiddels opgelopen tot ongeveer 30%. Het Verantwoordingsorgaan spreekt haar zorg uit over dit grote verlies aan opbouw en koopkracht.
- Het gehele premieproces is door toedoen van sociale partners traag verlopen.
- De tweede termijn van de in totaal 3 termijnen van de toegezegde premieverhoging van totaal 3,3% is dit jaar geëffectueerd.
Het VO heeft een positief advies afgegeven op de adviesaanvraag Premie en premiecomponenten 2023. In de adviesaanvraag Toeslagverlening 2023 kon het VO zich niet vinden in het door het bestuur gepresenteerde voornemen. Zij heeft hierop een negatief advies afgegeven.
Oordeel
De premie is niet toereikend. De premiedekkingsgraad is reeds langdurig te laag en draagt niet bij aan een gezonde evenwichtige situatie. Sociale partners hollen het pensioen uit omdat met de lage beschikbare premie minder pensioen kan worden opgebouwd. Het VO vindt dit zorgelijk en teleurstellend. Gelukkig heeft de gestegen rente eind 2022 geleid tot een positieve kentering.
Toekomst
Het pensioenfonds heeft een heldere en realistische visie en heeft deze vertaald in duidelijke strategische doelen, waarbij schaalgrootte en de (on)zekerheden van alle deelnemers een belangrijke rol spelen, om een goede indruk te krijgen van de toekomstbestendigheid.
Bevindingen
- Ten opzichte van het jaarverslag 2021 zijn er verbeteringen zichtbaar en zijn projecten gestart om de samenwerking met Bpf Zoetwaren vorm te geven. Doelstellingen zijn inzichtelijk gemaakt.
- De samenwerking tussen het Bestuur, Raad van Toezicht en het VO is verbeterd. Dit gaat helpen om samen vooruit te kijken naar de toekomst.
- Het Bestuur geeft aan in 2022 actie te hebben ondernomen om nog andere fondsen te interesseren om te komen tot een gezamenlijk pensioenfonds. Dit heeft nog niet geleid tot concrete resultaten.
- Er zijn diverse themadagen gepland en georganiseerd met Bpf Zoetwaren om de samenwerking aan te gaan.
- Er is nog veel onduidelijkheid over de overgaan naar het nieuwe pensioenstelsel. Hierdoor is de geplande overgangsdatum voor ons fonds met een jaar verschoven naar 1 januari 2025.
Oordeel
Het VO maakt zich zorgen over het tijdpad voor het samengaan met Bpf Zoetwaren. Er is inmiddels een duidelijkere planning gemaakt en gedeeld zodat de vorderingen zichtbaar zijn. De onzekerheid over het nieuwe pensioenstelsel kan de planning en gestelde doelen echter in gevaar brengen.
Tot slot
De relatie tussen het Bestuur en het Verantwoordingsorgaan is in het verslagjaar verbeterd. Door de met het governance herstelplan ingeslagen weg constateren we een toegenomen betrokkenheid tussen de verschillende organen. We zijn dan ook blij met de verbeteringen die het afgelopen jaar zijn bereikt en hebben vertrouwen in de toekomst.
7.7.2 Reactie Bestuur op verslag Verantwoordingsorgaan
Het Bestuur bedankt het Verantwoordingsorgaan voor haar inzet en inbreng in het afgelopen jaar en is verheugd over het herstel van vertrouwen tussen de fondsorganen. Zij heeft dan ook de verwachting dat de overgang naar het nieuwe pensioenstelsel in goede afstemming en harmonie met respect voor ieders rol kan plaats vinden waarbij de belangen van de deelnemers opnieuw centraal staan.
Het bestuur heeft het Verantwoordingsorgaan een nadere toelichting gegeven op het renteafdekkingsbeleid, hetgeen zich niet richt op een rendementsoogpunt maar op het afdekken van de rentegevoeligheid van pensioenverplichtingen.
7.8 Informatie vanuit toezicht van DNB en AFM
De vermogenspositie is zodanig dat een herstelplan van toepassing is. DNB heeft xx mei 2023 ingestemd met het ingediende geactualiseerde herstelplan.
De AFM houdt toezicht uit hoofde van de Pensioenwet. De AFM heeft tot taak toezicht te houden op het gedrag van pensioenuitvoerders. Het toezicht omvat met name de communicatie van pensioenfondsen en de wettelijk verplichte informatieverstrekking, alsmede de zorgplicht bij individuele pensioenopbouw op beleggingsbasis.
Het houden van toezicht op de zorgplicht bij premieovereenkomsten heeft tot doel de (gewezen) deelnemer tegen te risicovolle beleggingsbeslissingen te beschermen. Kort gezegd moeten beleggingsrisico’s worden beheerst, gegeven de naderende pensioendatum.
Er heeft in 2022 geen regulier relatiegesprek plaatsgevonden met DNB. Wel heeft er een gesprek met DNB plaatsgevonden naar aanleiding van een uitgevoerd onderzoek ‘operationele wendbaarheid’. Dit onderzoek van DNB richtte zich met name op de vraag of het pensioenfonds in voldoende mate toegerust is op de aanstaande overgang naar het nieuwe pensioenstelsel. Naar aanleiding van dit onderzoek is het Bestuur periodiek in gesprek met DNB over de voortgang van het project om over te gaan op het nieuwe pensioenstelsel.
De AFM heeft in 2022 een informatieuitvraag gedaan naar inzichten in de markt voor tweedepijlerpensioen.
De toezichthouder heeft het pensioenfonds in 2022 geen dwangsommen en boetes opgelegd of aanwijzingen verstrekt. Verder heeft de toezichthouder in 2022 geen bewindvoerder bij het pensioenfonds aangesteld.
7.9 Deskundigheids- en integriteitstoets en opleiding
In het beleidsdocument ‘Geschikt Pensioenfondsbestuur’ is de geschiktheid van de Bestuursleden en het beleid voor handhaving van deze geschiktheid uitgewerkt.
Aan de hand van een geactualiseerd deskundigheidsplan, de geschiktheidsmatrix en gevolgde opleidingen bekijkt het Bestuur periodiek in hoeverre het Bestuur als geheel, maar ook de individuele Bestuursleden, voldoen aan de te stellen eisen aan een geschikt pensioenfondsbestuurder. Het Bestuur is zich ervan bewust dat op dit punt sprake dient te zijn van permanente educatie. Het beleidsdocument wordt periodiek up-to-date gehouden.
7.10 Gedragscode
Met ingang van 1 januari 2022 is Compliance-i-Consultancy (CiC) als compliance officer en privacy officer aangesteld. De gedragscodeverklaringen over 2022 zijn door alle verbonden personen ondertekend. In de Bestuursvergadering van 24 maart 2023 is de rapportage gedragscode over 2022 gepresenteerd en vastgesteld. Er zijn hierbij enkele zaken onder de aandacht gebracht middels een advies of aandachtspunt:
- Het advies van CiC is om een geschenk te melden via de CiC-portal. Compliance monitort dan of meerdere relatiegeschenken van één persoon, bedrijf of instelling niet boven de (samengestelde) waarde uitkomen zoals weergeven in de gedragscode van het fonds.
- De SIRA is afgelopen jaar grondig herijkt. Voor 2022 is dit proces nog bezig.
- Er heeft over 2022 geen training, opleiding en awareness plaatsgevonden met betrekking tot integriteit. CiC adviseert om hier voor 2023 aandacht aan te besteden, dit kan ook in de vorm van e-Learning.
- Samenwerking tussen VO en Bestuur was tot en met 2022 niet optimaal, inmiddels zijn grote stappen in de goede richting gezet (governance herstelplan). Compliance heeft een nulmeting uitgevoerd naar aanleiding van de compliancedocumentatie van het fonds. En in 2023 wordt een nieuw bestuursbureau vormgegeven, wat raakt aan de governance van het fonds.
- Er was in 2022 een lopend onderzoek van DNB naar aanleiding van operationele wendbaarheid.
- De kritische uitbestedingsrelaties zijn geïdentificeerd op basis van een cyberimpactanalyse, dit zijn NN IP, TKP en The Bank of New York Mellon. CiC adviseert om bij deze uitbestedingsrelaties te toetsen of haar risicomanagementcyclus gericht op informatiebeveiliging voldoende effectief is en hoe weerbaar de organisatie is tegen cyberaanvallen.
In 2022 heeft de compliance officer documentrevisie gedaan op onder meer de Gedragscode en het Integriteitsbeleid en is bijgedragen aan een herijking van de SIRA.
Het Bestuur neemt de meegegeven adviezen ter harte en de aandachtspunten zijn onderkend door het Bestuur.
7.11 Organisatie en uitvoering
De uitvoering ten behoeve van het pensioenfonds is in 2022 uitbesteed aan TKP Pensioen (onderdeel van Aegon Nederland NV), Bank of New York Mellon, NN Investment Partners.
De uitvoering omvat het administreren van pensioenen, vermogensbeheer, Bestuursondersteuning en de integrale advisering van het pensioenfonds inzake het beleid op communicatie-, juridisch, fiscaal, actuarieel en beleggingsterrein.
Sprenkels is adviserend actuaris van het pensioenfonds. Het Bestuur maakt gebruik van de diensten van Ortec Finance als externe oversight manager. Ortec Finance ondersteunt het Bestuur in het risicomanagement en het toezicht op de uitbestede werkzaamheden. Besluitvorming over het beleid vindt plaats door het Bestuur.
NN Investment Partners treedt op als fiduciair manager. Als custodian is Bank of New York Mellon aangesteld. Het Bestuur monitort de uitvoering op basis van periodieke rapportages van de uitvoeringsorganisatie over de uitgevoerde werkzaamheden in het kader van de overeengekomen Service Level Agreement. Tevens ontvangt het pensioenfonds jaarlijks een ISAE 3402 type II-rapport van de uitvoeringsorganisaties, die door een externe accountant zijn gecertificeerd en van TKP wordt een ‘In Control Statement’ ontvangen. Reguliere rapportages en voorstellen van Sprenkels, NN Investment Partners en TKP worden tevens beoordeeld door de externe oversight manager.
7.12 Statutenwijziging
In 2022 zijn de statuten eenmaal aangepast. De aanpassing die per 2 juni 2022 is geëffectueerd had betrekking op de wijziging inzake de eisen voor kandidaatstellingen voor een bestuursfunctie namens de pensioengerechtigden. In dit kader is de eis losgelaten dat een individuele kandidaat minimaal 25 steunbetuigingen moest overleggen van stemgerechtigde leden.